Nacional Parc los Glaciares

Vier weken backpacken in het ruige Patagonië en verrassend mooie Noord-Argentinië (Reisverhaal)

Het is al weer wat jaren geleden dat we door Zuid-Amerika reisden. Onze honderd dagen verlof begonnen in december 2009 in Argentinië. Deze grote reis was een lang gekoesterde droom, die even in duigen leek te vallen toen ik in september een zwaar auto-ongeluk kreeg. De eerste maand reisden we met rugzak door Argentinië en Chili. Patagonië is niet voor niets erg toeristisch: de natuur is prachtig. Maar misschien heeft de schoonheid van het noorden van Argentinië ons nog wel meer verrast! Duik in dit verhaal en volg onze prachtige reisroute. 

landschap Torres del Paine

Vakantiekriebels

Een week of twee voor vertrek beginnen de vakantiekriebels dan echt te komen. De doktoren hebben groen licht gegeven: wat een enorme opluchting! Even alles achter me laten, heerlijk. De verhalen van de afgelopen week geven ons vertrouwen…

“Vliegen jullie met Iberia?”

“Oei, oei, pas op voor je koffers, chagrijnige stewardessen, slecht eten.”

Nu maakt dat laatste mij niet zo heel veel uit, maar een rugzak met kleding lijkt me toch wel handig voor de komende maanden… Stel je voor dat ik nieuwe kleren moet gaan uitzoeken. Ooit wel eens een klein indiaantje met maat 44 gezien? Maar goed, volgens Sandra past iedereen in een poncho!

Op 22 december vertrekken we in het holst van de nacht naar Schiphol. Onderweg gaat alles perfect. Bijna geen verkeer op de weg, geen sneeuw, dus we komen ruim op tijd aan. Het inchecken gaat gesmeerd en Rob en Karin zwaaien ons uitgebreid uit.

“Doei, doeg, houdoe!”

“Doe voorzichtig hè!”

“Geniet!”

“Ons niet vergeten!”

“Laat snel weer van jullie horen!”

“Veilig weer thuiskomen hoor!”

“Doei, doeg, houdoe!”

“En nou wegwezen, ik wil zeker weten dat jullie in dat vliegtuig zitten. De komende 100 dagen wil ik jullie niet meer zien.”

Volgehangen met beschermengeltjes, zorgenpoppetjes, geluksmuntjes en Theo-en-Thea-tandjes gaan we op pad.

Shop till you drop!

Bij de gate blijkt echter dat onze vlucht overboekt is, er moeten 31 mensen (!) van de vlucht gehaald worden. Omdat wij al aanvoelen dat we onze aansluiting in Madrid toch zullen missen hebben we ons opgegeven als vrijwilliger. Dit levert maar liefst 600 euro per persoon op en een 1e klas ticket van Air France naar Buenos Aires. So far so good! We hangen de hele dag op Schiphol rond, want we moeten maar liefst 12 uur wachten. Het is een zware dag. Mijn nek en rug hebben het aardig te verduren en de reis moet nog beginnen!

Het eerste klas feest gaat helaas niet door. Air France is het niet eens met de belofte van Iberia. Bij de gate in Parijs worden we tegengehouden en weer naar economy gezet. Vette pech. Erger is dat we in Buenos Aires tot de vervelende ontdekking komen dat onze bagage nog ergens in Europa rondzwerft. We worden ervan verzekerd dat het goed komt met onze bagage, maar onze tassen kunnen echt overal zijn! Madrid, Parijs, Amsterdam, ga maar eens zoeken. Tot op heden geen enkel spoor.

kleurrijk gebouw in La Boca

Onze reis is dus begonnen met shoppen. We zijn nu trotse bezitters van ieder 2 afritsbroeken (99 dagen in een poncho vind ik te lang), 3 T-shirts, slippers, 3 onderbroeken en 3 paar sokken. Samen hebben we 1 tandenborstel, 1 kam, 1 fles shampoo, 1 fles zonnebrand en onze handbagage. Op kerstavond willen we graag uit eten gaan, maar overal zijn er chique diners. We zijn bij Hooters terecht gekomen, daar mogen we wel binnen op slippers en met afritsbroek. Het leven van globetrotters gaat niet altijd over rozen!

begraafplaats LA Recoleta

Rode wijn

Na drie dagen in de hoofdstad reizen we verder naar Puerto Madrin. Hier is het weer nog goed, maar over drie dagen wordt het kouder en daar zijn we nu niet echt op gekleed! We maken ons zorgen over onze bagage, want er zitten toch wat praktische dingen in, zoals opladers, anticonceptie, medicijnen, lenzenvloeistof en niet te vergeten, kleding!! Toen Eric gisterenavond een glas rode wijn over mijn broek gooide volgde er een paniekschreeuw, voordat ik er de lol van in kon zien. “Shit!” schreeuw ik door café Tortoni. Ik schuif mijn stoel met kabaal naar achteren en vlieg omhoog. Met mijn slippers sta ik in de plas rode wijn. “Jij ongelofelijke oelewapper! Moet je nou zien, dit is mijn enige broek! Ik zit helemaal onder.” Ik graai naar de papieren servetjes op tafel om mijn broek af te deppen. De mensen om ons heen staren mij aan. Mens, doe niet zo achterlijk! Eric begint zachtjes te grinniken. Ik zak terug in mijn stoel, zucht. Het moet niet gekker worden!

Het positieve van dit alles is dat het alleen maar beter kan worden. Maar misschien hadden we ook aan onze bagage een gelukspoppetje moeten hangen, want nu zaten ze allemaal in onze handbagage….

liggende pinguin

staande pinguins

eric met pinguin

Kerstengel

Na vier dagen arriveert dan eindelijk de kerstengel. Hij heeft twee zware rugzakken bij zich met kleding, scheerapparaat, stijltang en allerlei andere heerlijke zaken. Zijn arrenslee had waarschijnlijk vertraging opgelopen vanwege het overgewicht. Wij zijn ontzettend blij met deze kerstboodschap, want er is hier geen nudistencamping te bekennen, dus kleding is een eerste levensbehoefte! Eric en ik maken een vreugdedansje om onze rugzakken.

“Jippie! Jippie!”

“I feel good, tadadadada!”

“So good, so good!

We hebben onze identiteit weer terug. Het witte licht, het hummen en bidden heeft geholpen; onze dag kan niet meer stuk. Eindelijk kan mijn kerstman zijn baard scheren! En ik trek me uitgebreid terug in de badkamer: lippenbalsem, pincet, scheermesje, geurtje, ach, ach wat is zo’n volle toilettas toch een feest! Morgen zien we er tiptop uit als we de zeeolifanten, pinguïns en gordeldieren op het schiereiland Peninsula Valdes met een bezoekje gaan vereren.

uitzicht over strand Peninsula Valdes

panda dolfijn

Het afritsbroekenparadijs El Calafate

Het blijft een feit dat in onze rugzakken verder ook alleen maar afritsbroeken zitten. Maar voor El Calafate (het afritsbroekenparadijs) is dat niet zo’n probleem. De dresscode is hier groene of grijze outdoorkleding en als je een beetje uit de ban wil springen is een rode jas ook helemaal geaccepteerd. Panty´s, hoge hakken, rokjes en andere vrouwelijke kleding zijn hier uit den boze. We passen helemaal in het straatbeeld. El Calafate is de uitvalsbasis voor National Park Los Glaciares, dat verklaart de dresscode in dit enorm toeristische dorp.

nacional Parc Los Glaciares

klein uiltje in de bomen

We maken een prachtige hike naar de Perito Moreno. Dit is de enige gletsjer ter wereld die nog groeiend is, ondanks dat er regelmatig brokstukken afbreken. Dat is een heel bijzonder schouwspel. Hoe groter het stuk, hoe enthousiaster de reacties van het publiek (nee, we zijn hier niet alleen). Een beetje dubbel is het wel om enthousiast te worden van de opwarming van de aarde, maar dat gevoel is niet tegen te houden. Het afbrokkelen gaat gepaard met zwaar gedonder; de eerste keer dachten we dat het ging onweren. Het geluid van de natuur is heel speciaal en ook het varen tussen de grote ijsschotsen is prachtig.

Perito Moreno

Perito Moreno

Wandelen over een gletsjer

“Het stinkt hier.”

“Dat kan je wel zeggen. Het ruikt hier naar ongewassen, vet haar.”

“Backpackers stinken.”

Vandaag is het oudejaarsdag. We zijn vanmorgen vertrokken naar El Chalten. De andere kant van het nationaal park Los Glaciares. Samen met een groepje backpackers zijn we in een minibusje op weg naar het walhalla voor bergbeklimmers. Eric en ik hebben helaas moeten concluderen dat rugzakmensen vaak stinken. Getverderrie zeg. Alsof je je haren niet meer hoeft te wassen als je rondtrekt met een rugzak! Die logica zie ik niet helemaal hoor. Maar goed, hier komen mensen om serieus de bergen en gletsjers in te trekken. Wij doen het noodgedwongen wat rustiger aan. We kunnen morgen een tocht van 12 uur doen, met in totaal 7 uur wandelen door de bergen en 3 uur over de gletsjer. Het ziet er heel avontuurlijk uit, maar de kans is te groot dat ik dat niet trek gezien mijn twijfelachtige gesteldheid. We kiezen dus voor de bejaardenoptie: met de boot naar de gletsjer en dan een wandeling van 3 uur over het ijs. Laten we het nieuwe jaar maar niet al te enthousiast starten. Stel je voor dat Eric mij op de eerste dag van het jaar meteen moet achterlaten in de bergen! Sommigen klinkt dat misschien goed in de oren, maar ik wil toch graag heelhuids weer thuiskomen.

ijsschotsen bij de Upsala gletsjer

ijsschotsen upsala gletsjer

Een perfecte jaarwisseling

Oudejaarsavond: de avond waarop je verplicht bent het oergezellig te hebben. Een avond die moet spetteren anders wordt het komende jaar helemaal niks. Een avond die perfect moet zijn, waarover je op moet kunnen scheppen. Een avond waarop je nooit alleen mag zitten, want dat is synoniem voor eenzaam en zielig zijn. Oudejaarsavond moet je dus al in september gaan voorbereiden, want stel je voor dat al je vrienden al andere plannen hebben! Daarom heb ik een enorme hekel aan oudjaar; er hangt een vervelend soort beladenheid omheen. Meestal zijn Eric en ik op vakantie met oudjaar en vieren we het, heel zielig, samen met onbekenden. Overal op de wereld doen ze dat weer anders en we weten van te voren nooit waar we terecht komen.

“¿Hay una buena fiesta esta noche en el pueblo?”

“O yes, there is. In the Rancho Grande Hostel is a great party. You can book it here.”

“Food and drinks are included. Everybody goes there.”

Mijn goedbedoelde houtje-touwtje Spaans wordt steevast in het Engels beantwoord. Misschien maar goed ook, want een Spaans antwoord zou ik toch niet begrijpen. Het belangrijkste is dat we weten dat er vanavond iets te doen is.

Voordat we ons in het oudejaarsgedruis storten proberen we via Skype contact te leggen met het thuisfront. De verbinding is traag en het thuisfront komt hakkerig en schokkerig binnen. “Gelukkig Nieuwjaar!!” schreeuwen Eric en ik tegen onze laptop. Het galmt door de ontvangsthal van het hostel. De overige aanwezigen lijken er (nog) geen aanstoot aan te nemen. “Ge-luk—jaaaaar! Joe-hoe!” kraakt het uit het microfoontje. Donkere bewegende schimmen. Een huis vol zo te zien (veel vrienden daar, zal wel een perfecte avond zijn). De schimmen maken zwaaibewegingen. Plof, tududu. Verbinding verbroken.

“Hallo, horen jullie ons?”

“Ja, een –eet- -okkerig en -t -eeld is niet zo goed.”

“Wij horen jullie ook schokkerig!”

“-aar -ijn -ullie nu?”

“In El Chalten, in Argentinië.”

“-aat het –oed met jullie?”

“Ja, het is hier prachtig. We zitten tussen de bergen. Het is fris, maar het regent gelukkig niet. Het gaat prima met ons.”

“-aan –ulli nog oudjaar –iere-?”

“We gaan naar een feest vanavond, maar dat begint pas om 22:00.”

“-ij -aan zo aftellen. Het is -ijna zo-er.”

“Veel plezier nog!”

“-ullie ook! –eel –ezier!!”

“Doei!!! Tot volgend jaar!”

“-oeeeiii!!”

De verbinding was te slecht om een gesprek te kunnen voeren. Misschien maar goed ook, want onze Skype-gesprekken stranden meestal in het uitwisselen van onzin en het trekken van gekke bekken. Ook onze Theo-en-Thea tandjes worden steevast uit de handbagage tevoorschijn gehaald voor hilarische momenten.  Het schijnt voor ons heel moeilijk te zijn om een normaal gesprek te voeren als er beeld en geluid bij aan te pas komt. Alle intelligentie en gêne wordt dan binnen no-time overboord gegooid. Ik vraag me af of dat voor iedereen geldt die Skypet.

gelukkig nieuwjaar!

Het dak gaat eraf

Om 22 uur wandelen we naar Rancho Grande: the place to be vanavond. De meeste mensen op straat lopen dezelfde kant op als wij. In de gezellige lobby van de Rancho staan lange, houten tafels waar je kunt aanschuiven. Het heeft wel iets weg van een Duits bierfeest (hoewel ik daar nog nooit ben geweest).  Op tafels staan flessen frisdrank, wijn, bier en sterke drank. De bar doet dienst als buffet en de gastheer doet zijn uiterste best om sfeer te maken. Hij loopt met zijn microfoon door de zaal, spreekt zijn gasten aan en laat ze zingen. Zo lang hij maar niet naar mij toe komt, kan ik de lol daar wel van inzien. Zelf zingt hij ook, samen met de Argentijnse versie van Grad Damen. Erger dan dit kan denk ik niet. Het dak gaat er af en de sfeer zit er goed in! Wij zitten aan tafel met twee Australische jongens en een vader en zoon uit Canada. Samen met mensen vanuit de hele wereld luiden we het nieuwe jaar in. Om middernacht is het aftellen en verplicht dansen, de voetjes moeten van de vloer, want de tafels worden opgeruimd.

Als we ’s nachts de heuvel weer aflopen naar ons hostel, zuchten we tevreden. Het was een leuke avond, gelukkig maar, want wie wil er nu eenzaam en zielig zijn op oudejaarsavond?

Fitz Roy

Toosten op het nieuwe jaar

1 januari 2010 begint met een goed zicht op de Fitz Roy, tot ons gedoopt tot de Frits Spits. De Frits Spits is waar het de bergbeklimmers hier om te doen is. Gisteren was hij onzichtbaar door de wolken, maar vandaag laat hij zich heel even zien. Dat is bijzonder, want meestal is hij gehuld in mysterieuze mist. ’s Middags doen we een heuse icetrekking. Dat is SO COOL!! Met speciale krammen onder je schoenen over het ijs lopen. Jammer dat het erg bewolkt is, want ze zeggen dat het nog mooier is wanneer de zon schijnt. We klauteren over de gletsjer, springen over diepe spelonken en genieten van de omgeving. Oppassen dat je niet wegglijdt! Tussen de hoge, koude wanden, krijgen we Baileys met gletsjerijs. Wat een speciale start van het nieuwe jaar!

 

icetrekking

crampers aantrekken

Op naar Puerto Natales

Gewapend met vouchers gaan we naar het busstation. Over twee dagen nemen we de bus naar Puerto Natales in Chili. We gaan alvast onze reservering bevestigen.

“Tengo un voucher para dos personas. Es para ir a Puerto Natales el domingo.”

“At what time?”

“A las seis.”

De man achter het loket begint druk in zijn boek te bladeren. Het lijkt erop alsof er iets mis is. Hij loopt naar achteren, praat druk gebarend met zijn collega en komt weer terug.

“Your tickets aren’t payed for.”

“Excuse me?”(Ik geef me gewonnen en ga verder in het Engels.)

“You have a booking, but the agency didn’t pay yet. Wait here.”

Het is maar goed dat we naar het busstation zijn gegaan om onze reservering te bevestigen. Voor hetzelfde geld sta je daar op zondagochtend om zes uur op het station en kan je niet mee! Er wordt gebeld, druk gedaan, gezucht, gemopperd en opgelucht ademgehaald. Het komt goed. Zondag kunnen we gewoon mee. Reisstress noemen ze dit geloof ik…

diep in het glaasje kijken

Eric kijkt scheel naar wijnglas

Traveling light

Puerto Natales is een wat suf dorp en niet meer dan de uitvalsbasis voor het nationaal park Torres del Paine. Een adembenemend natuurgebied dat in 1978 met recht tot werelderfgoed van UNESCO is verklaard. Je kunt er kilometers wandelen door de ruige natuur, langs meren en gletsjers. Gewapend met ieder 3 onderbroeken, 3 paar sokken, 2 T-shirts, een tandenborstel en wat doucheschuim gaan we een driedaagse wandelavontuur aan. Traveling light is ons motto; dus geen boek, geen stijltang en zelfs geen stok kaarten. Wel een fototoestel natuurlijk (en onze Theo-en-Thea tandjes voor als we het niet meer zien zitten), maar alle andere overbodige luxe laten we achter ons in Puerto Natales. Anderen kijken jaloers naar onze kleine tasjes. En wij vol bewondering naar de grote backpacks die velen op hun rug meezeulen tijdens de trekking! Hoe in hemelsnaam krijgen ze het voor elkaar? Krikkie en Krakkie kunnen dat niet hoor!

torres del paine

Torres del Paine

Met de catamaran bereiken we onze eerste overnachtingsplek: Paine Grande shelter and camping. Na wat problemen bij het inchecken (de reservering klopt natuurlijk niet), krijgen we toch onze slaapzakken en matjes mee en worden we naar onze tent gebracht. Herstel: worden we naar ons minuscule tentje gebracht. Eric kruipt er in, kan zich nauwelijks draaien, stoot zijn hoofd, raakt verstrikt in zijn slaapzak en toen …  was de tent vol! Stapelen lijkt de enige oplossing…

klein, geel tentje

’s Middags maken we onze eerste wandeltocht naar een uitzichtpunt op Glaciar Grey. Poehoe, dat is even inkomen. De conditie is nog niet optimaal en het is een flinke klimbim! De kuitspieren strak gespannen dus! En wat een wind staat er in Torres! Op sommige plekken windkracht 10, dus daar kan je met heel je gewicht tegenin gaan hangen. Als je even niet oplet word je gewoon omgewaaid.

Na 3,5 uur wandelen denken wij ’s avonds te kunnen slapen als roosjes. Om 9 uur stapelen we ons op in het tentje. We liggen op comfortabele matjes van ongeveer een halve centimeter dik en de wind giert om ons luxe onderkomen. De hele nacht heb ik een flapperend tentdoek in mijn gezicht en mijn heupen zijn de volgende ochtend bont en blauw van het draaien op de stenen ondergrond. Om 6 uur ga ik naar het toiletgebouw en neem noodgedwongen een ijskoude douche: op mijn blote voeten tussen de haren en modder van mijn mede campinggasten. Slippers waren misschien geen overbodige luxe geweest. Voor Eric is de nacht hetzelfde, op de douche na. Die vindt hij te smerig… één dag overslaan kan toch geen kwaad? Heerlijk dat kamperen!

landschap torres del paine

Bikkelen en genieten

Op dag twee gaat het wandelen nog moeizamer bij mij. Mijn kuitspieren protesteren behoorlijk als we steile, rotsachtige paadjes beklimmen. Ik moet oppassen waar ik mijn voeten zet. Bij het afdalen glijd ik uit en kan me nog net staande houden.

“Clau, pas op! Gaat het?”

“Ik geloof het wel.”

Dat is schrikken: warme prikkels stromen door mijn onderarmen. Het lijkt alsof er een naaldenbed in mijn huid wordt geduwd. Stel je voor dat ik hier over de keien naar beneden stuiter! Dit is toch een lastige plek om geblesseerd te raken. We moeten namelijk nog een paar uurtjes, voordat we op plaats van bestemming zijn. De omgeving is prachtig. We lopen langs de voet van de berg en hebben uitzicht op het meer, we lopen door gras en bossen, over keien en riviertjes. Een flets zonnetje maakt de dag heel aangenaam. Het is bikkelen en tegelijkertijd met volle teugen genieten. We gaan door op bejaardentempo en worden ingehaald door fanatieke wandelaars met grote rugzakken. Hoe doen ze dat toch?

routebord torres del paine

routebord torres del paine

In de tweede camping los Cuernos, waar we ’s middags aankomen, hangt een ontzettend leuke sfeer. ’s Avonds eten we wat de pot schaft, gezeten aan lange, houten tafels, waardoor iedereen met elkaar in gesprek raakt. De ruimte is beperkt, dus de soepkommen worden aan de kop van de tafel uitgedeeld en doorgeschoven. Je krijgt er een soort scouting gevoel van. Iedereen loopt op zijn sokken, omdat je je schoenen buiten moet laten staan. Binnen hangt een onaangename zweetvoetengeur, maar dat laat ons onverschillig. Je raakt er na verloop van tijd wel aan gewend. Jammer genoeg is de nacht in het tentje niet veel beter dan gisteren en de douches al helemaal niet. Eric slaat de vieze douche nog maar een dag over. Een beetje extra deo doet wonderen!

bruggetje Torres del Paine

Krikkie en Krakkie gaan hard

De derde wandeldag gaat als een speer! Na een gezellig ontbijt met een Zwitsers stel zijn we maar liefst 6 uur onderweg en het lopen gaat uitstekend. De kuiten van Krikkie en Krakkie lijken warmgedraaid. Dit is ook zeker de mooiste tocht die we tot nu toe hebben gelopen. Soms langs steile afgronden, waar ik met bibberbenen de rukwinden trotseer! We redden het niet tot het uitzichtpunt bij de Torres, maar we zijn toch bijzonder trots op onze prestaties vandaag!

Bij het avondeten komen we onze Zwitserse vrienden weer tegen.

“Hey, friends! Nice to see you again! Can we sit with you?” Georges roept enthousiast door de eetzaal en houdt een fles wijn uitnodigend in de lucht.

We wenken hem en zijn vrouw. “Of course, you are more than welcome!”

Georges en zijn vrouw hebben in 1976 een half jaar door Zuid-Amerika gereisd en hij kan daar geweldig over vertellen. We hangen aan zijn lippen en hebben tot laat in de avond plezier met elkaar. De volgende dag zit ons wandelavontuur er helaas al weer op. De terugtocht naar Puerto Natales wordt ingezet en aan het eind van de dag zet ik Eric met een schuurborstel onder de douche. We zijn weer terug in de bewoonde wereld en een belevenis rijker!

 

uitzicht op de toppen van Torres del Paine

Reisstress

Ons volgende reisdoel is het zuidelijkste stadje van Zuid-Amerika: Ushuaia. Het is druk op het vliegveld, maar we zijn ruim op tijd. We zoeken het einde van de rij op en sluiten aan. Schuifel, schuifel. Het gaat erg langzaam en de tijd tikt snel voorbij. We worden een beetje onrustig. Zo te zien geldt dat ook voor anderen, want er lopen steeds mensen uit de rij naar voren. Eric gaat ook maar even naar de balie, want de tijd gaat nu echt dringen. Er wordt ons op het hart gedrukt dat we ons nergens zorgen over hoeven te maken. Dus we doen ons uiterste best om ontspannen globetrotters te blijven. Als we eindelijk aan de beurt zijn blijkt toch dat we net te laat zijn!

“You are too late. Your flight is overbooked.”

“What? We confirmed our flight yesterday!”

 “Yes, but you are too late.”

“A few minutes ago, your colleague told me not to worry.”

 “I’m sorry, but there are no seats left.”

“You can fly to Ushuaia tomorrow.”

Eric gaat compleet over de rooie. Hij trekt de medewerker nog net niet aan zijn blouse over de balie heen! Ik zie Eric niet vaak flippen, maar dit lijkt er toch aardig op. De reisgoden zijn ons slecht gezind vandaag.

“I wanna speak to your boss. Tomorrow we have a cruise to Antarctica. Are you gonna pay for that?”

Nou, dat is niet helemaal waar Ericje! Ik krijg last van plaatsvervangende schaamte, maar Eric raast gewoon door.

“Do you have a form for my complaints?” Hij praat hard en is vastbesloten zich niet met een kluitje in het riet te laten sturen, maar uiteindelijk trekken we natuurlijk toch aan het kortste eind. Het vliegtuig is immers al vertrokken.

We worden in een taxi gestopt en de chauffeuse scheurt met een belachelijk hoge snelheid terug naar het dorp. Ze knalt met 140 kilometer per uur over een tweebaansweg. Wij hebben geen haast hoor, ons vliegtuig gaat pas morgenvroeg… Als we een bocht in vliegen en er een tegenligger op onze weghelft verschijnt, voel ik het hete naaldenbed weer in mijn armen. Hartkloppingen, bloed stroomt naar de aderen in mijn hoofd. Ik gil en sla mijn handen voor mijn ogen.

De boot gemist….

Door de vertraging hebben we nu maar krap twee dagen om een lastminute naar Antarctica te vinden. Na aankomst gaan we dus meteen op pad. We doen navraag bij verschillende bureautjes en gaan op zoek naar Peter. Via via hebben we zijn naam gekregen. Hij schijnt een onafhankelijk bemiddelaar te zijn (kan dat?) en zal ons zeker kunnen helpen. ’s Avonds hebben we een afspraak met hem in het hotel en al gauw blijkt dat we de boot gewoon hebben gemist. Vorige week zijn de meeste schepen vertrokken en pas over 1 tot 2 weken maken we weer kans. Maar ik verzeker je, van zo’n lange tijd wachten in Ushuaia raak je hartstikke depressief! Het klinkt heel sexy: el fin del mundo. Maar in werkelijkheid regent het hier aan één stuk door en verdient het stadje ook geen schoonheidsprijs.

straatbeeld Ushuaia

Op zaterdagavond sluiten we onze teleurstellende zoektocht naar een lastminute af met een werkelijk fantastisch diner bij Kaupé. In de meest chique tent van Ushuaia verdrinken we ons verdriet met heerlijke Argentijnse wijn. De King Crab en Lomo krijgen vanavond de belangrijke functie van troostvoedsel. En het werkt! We houden ons vast aan de gedachte dat we nu bakken geld over houden en een bijzondere droom die mogelijk ooit nog in vervulling zal gaan… You never know!

We proberen er iets van te maken

Zondagochtend vereren we weer een gletsjer met een bezoek. In een gammel, Zuid –Amerikaans kabelbaantje schommelen we omhoog en voor het laatste stuk nemen we de benenwagen. Prachtig, maar als het dan begint te plenzen, wordt het meteen een stuk minder! Ontdekking: mijn regenjas is dus níet waterdicht en mijn schoenen zijn ook hartstikke glad! Ik glibber naar boven en glijd weer naar beneden over stenen en zompige graszoden. Mijn evenwicht wordt op de proef gesteld.

gletsjer bij Ushuaia

Bord voor park Tierra del Fuega

Nadat we onder het genot van een kopje thee bij de houtkachel onze outfits hebben gedroogd gaan we ’s middags verder naar het Nationaal Park Tierra del Fuego. Een bos waar je leuk kunt wandelen. De beschrijving in de Lonely Planet klonk heel spectaculair, maar eerlijk gezegd zijn de Drunese Duinen zeker zo mooi (zo niet, veel mooier). Misschien heeft onze teleurstellende ervaring met de dreigende regenbuien te maken, of met de bevers die er volop zouden moeten zijn (maar nu even niet), of is het toch de gemiste boot in ons achterhoofd….  Ach ja, Ushuaia heeft ons niet gebracht wat we hadden gehoopt. Eens kijken wat Mendoza ons te bieden heeft!

beverdam in Tierra del Fuego

Sooo hot!

De reisdag van Ushuaia naar Mendoza is lang. ’s Ochtends vroeg vertrokken en om 23.00 uur komen we aan in het hostel, dat we via internet hebben geboekt. Tot op heden was onze reis vooraf vastgelegd, maar vanaf nu hebben we alles in eigen hand en dat is zeker zo prettig. Het hostel is oké; een beetje oude meuk, maar wel schoon. We hebben een tweepersoons kamer en een badkamer op de gang. Slapen doen we hier niet zoveel. ’s Nachts worden we geterroriseerd door irritante dengue-muggen en een zinderende warmte. Het is echt heel heet in Mendoza! 37 graden, dus de zonnebrandcrème vloeit in overvloed. Net als de wijn trouwens, want Mendoza is dé wijnstad van Argentinië.

De luxe van het Engels praten begint langzaam te verdwijnen. De hosteleigenaar spreekt geen woord Engels en ratelt vrolijk in het Spaans tegen ons, totaal niet gehinderd door onze fronsende blikken. Ik heb het vermoeden dat we de essentie van zijn verhaal wel begrijpen (Dit is jullie slaapkamer, dit de gedeelde badkamer, hier mag je koken, de tuin is voor gezamenlijk gebruik). Hoe moeilijk kan het zijn? En wat ik niet begrepen heb, weet ik toch niet… Buskaartjes kopen en eten bestellen gaat me al prima af. Maar als mensen zomaar een praatje beginnen te maken, wordt het vaak te moeilijk. Wanneer ik het gesprek dan vriendelijk probeer af te kappen met “hablo solomente un pocito Español”, wordt er meestal gewoon vrolijk doorgebabbeld!

De Dakar

Op onze eerste dag in Mendoza doen we een poging tot acclimatiseren en het organiseren van onze volgende vakantiedagen. We kopen alvast bustickets voor onze doorreis en zoeken uit of en hoe we bij de Dakar kunnen komen. Dat valt nog niet mee, want bij het VVV hebben ze geen enkel idee en van de Dakar-website worden we ook niet veel wijzer.  Na een paar uur zoeken in de stad stuiten we bijna bij toeval op een organisatiebureautje van de Dakar. Morgenvroeg om 6 uur kunnen we een bus nemen! (Gelukkig niet te vroeg.)

bord dakar

De middag sluiten we af met een spannend bezoek aan de McDonalds. Als we naar binnen gaan wordt er net een groepje jongens met traangas naar buiten gewerkt door een bewaker. Wat de aanleiding is weten we niet. Misschien hadden ze ruzie om een hamburger? Even later komt het groepje terug om verhaal te halen. Ik zie vanaf de andere kant van de straat een lege fles cola op me afvliegen! En daarna nog één. Wij hebben natuurlijk net een gezellig tafeltje aan het raam uitgekozen. Het is even schrikken, maar gelukkig zijn het deze keer geen kogels. Vorig jaar in Quito was dat namelijk wel zo. Tijdens onze romantische kaasfondue werden er buiten op straat schoten gelost. Toen ik me nog zat te bedenken wat voor raar geluid ik hoorde, dook sluipschutter Eric al op de grond en trok mij mee naar beneden. Bibberend kropen we achter een muurtje. De eigenaar van het restaurant was echter totaal niet onder de indruk. Dit gebeurde regelmatig in de straat. Niets om ons zorgen over te maken. Bovendien was de voorgevel geheel gemaakt van kogelvrij glas. Ja, ja, heel geloofwaardig! Vol vertrouwen gingen wij weer aan ons tafeltje bij het raam zitten.

Woensdag zijn we er dan: bij de start van de 13e etappe van de Dakar in Uspallata! De bus vertrok vanmorgen om 6 uur en dat betekende dat onze wekker al om 4.30 uur piepte. Maar dat deerde niet, want ik was toch nog niet in slaap gevallen; ons bed blijkt precies in de route van een karavaan mieren te liggen.

motoren bij dakar

Zandhappen in Uspallata

Wat een fenomeen die Dakar! We happen de hele dag zand en hebben er nog plezier in ook! Gelukkig heb ik voor deze vakantie een bril aangeschaft, want met mijn harde lenzen was deze dag een regelrechte ramp geweest. De ochtend begint met de start van de motoren, daarna komen 1 voor 1 de auto’s en als laatste de vrachtwagens. Gedurende de dag veranderen de langskomende stofwolken dus in complete zandstormen! En dat is me toch gaaf!! Vooral als er een Argentijn langskomt. Dan staan de mensen langs de kant uitzinnig te juichen en te zwaaien met vlaggen. Mensen maken er echt een dagje uit van. We lopen langs families op tuinstoelen en rondom barbecues. Grote, vette lappen vlees liggen te bakken tussen de zandstormen. Koelboxen en blikken bier.  Overal zie je groepjes die hun eigen plekje afbakenen, met parasols en partytenten. Zou dit universeel zijn?

Er zijn niet veel toeristen, maar natuurlijk worden we op een gegeven moment toch door Nederlanders aangesproken. (Nederlanders zijn net een virus, ze zijn echt overal.) Ze hoorden mij namelijk enthousiast gillen toen er een wagen van De Rooij langskwam. Eigenlijk wil ik dat helemaal niet. Maar als je aan de andere kant van de wereld zand staat te knarsen en er komt een Brabantse vrachtwagen langs gescheurd, dan wordt je overmeesterd door een raar soort chauvinisme, wat in de genen lijkt te zitten. Ik zal overigens altijd ontkennen dat ik daar wel eens last van heb!

vrachtwagen met stofwolk bij dakar

Jos en Joke zijn een jaar lang door Zuid-Amerika aan het reizen in een tot camper omgebouwde Jeep. Ze nodigen ons uit om met hen mee te rijden naar het dorp. Dat aanbod nemen we met beide handen aan, want anders zou het een lange, hete wandeling zijn geworden. Soms moet je het geluk een beetje afdwingen! In het dorp komen we verschillende Nederlandse vrachtwagens tegen van de onderhoudsploegen. Jos spreekt alle chauffeurs aan. Ik dacht dat ik vreselijk was met mijn gilactie, maar het kan blijkbaar altijd nog erger. We drinken samen een vino tinto op het terras van de kroeg waar ooit opnames zijn geweest voor de film seven years in Tibet. Binnen hangen nog allerlei attributen uit de film. Na het uitwisselen van de nodige (sterke) reisverhalen zoeken Eric en ik het busstation weer op. Nog een paar uurtjes hobbelen en we zijn weer in ons zweterige hostel.

vrachtwagen in stofwolk bij dakar

Fietsen langs wijnboerderijen

Iedere dag een andere ervaring. Vandaag maken we een fietstocht langs de wijnboerderijen van Mendoza: zweten op het fietske met zere billen!! Ook dit doen we natuurlijk niet alleen. Het is een ware toeristentrekker. Overal zie je toeristen op vrolijk gekleurde fietsen ploeteren in de felle zon. In de binnentuin van een prachtige Argentijnse bodega genieten we van onze lunch. Een flesje rode wijn doet onze billenpijn snel vergeten. De zon schijnt door het bladerdak van wijnranken op Eric’s gezicht. Hij knijpt een beetje met zijn ogen. Ik doe mijn ogen dicht en geniet intens van het moment. Als ik weer op mijn fiets stap is dat pijnlijke gevoel tussen mijn benen weer helemaal terug. Back in reality. Ook Eric klaagt over butsbillen. Het voelt alsof we onszelf onherstelbare schade hebben toegebracht. Dit is echt even tanden bijten. Eén fles wijn is zwaar onvoldoende om afdoende te verdoven. Snel maar weer een mooie stek vinden om tapas te eten en een wijntje te nuttigen, daar waren we immers voor gekomen.

wijn proeven

Champagne in de bus

’s Avonds gaat onze reis weer verder. We nemen de meest luxe nachtbus naar San Miguel de Tucuman. Een rit van 15 uur, dus het leek ons verstandig om de nekjes te ontzien. Hoe luxe kan een bus zijn! Dit hebben wij werkelijk nog nooit meegemaakt. We zitten in onze brede, leren stoelen te giechelen als pubers. Wat een ruimte! Voor het slapengaan krijgen we een maaltijd (oké, die is niet echt geweldig) en een hele leuke film. Als de bediening komt vragen of we whisky of champagne willen, schiet we keihard in de lach.

“Would you like champagne or whisky?”

“I’m sorry?”

“Hij maakt zeker een grapje?” Eric en ik kijken elkaar aan.

“Vroeg hij nou of we champagne of whisky willen?”

“Ja, dat verstond ik ook?” “Hihi, die is gek!”

De steward kijkt ons ongeduldig aan: “champagne or whiskey?” Meneer is bloedserieus.

Alsof het de gewoonste zaak van de wereld is: “champagne please!

We krijgen allebei een plastic champagne glas ingeschonken. En vervolgens krijgen we de hele fles in onze handen geduwd. Er drinkt verder toch niemand champagne. Onbegrijpelijk! Zo wordt backpacken toch pas echt een feestje?

champagne in de bus

Geen vet, geen bot

In Tucuman slapen we een nacht in een echt JEUGDhostel. Wij halen de gemiddelde leeftijd dus dramatisch omhoog. (Tijdens deze reis wordt soms pijnlijk duidelijk dat we tot de oude garde beginnen te horen.) De overnachting kost een tientje per persoon en we krijgen voor dat geld ook een ontbijt en ’s avonds kunnen we kip en rijst mee-eten. Degenen die Eric’s eetgewoonten een beetje kennen snappen dat hij dit aanbod meteen vriendelijk afslaat! Daar hoeft hij nog geen seconde over na te denken. Eric gruwelt bij kip. Er zit namelijk bot in. Eric gruwelt ook bij vet in zijn vlees. Voordat we op reis gingen moest ik aan mijn Spaanse juf vragen wat de vertaling van “zonder vet en bot” in het Spaans is. Een bestelling gaat bij ons altijd gepaard met “sin grasa y sin heuso”.

Tucuman

Tucuman is niet zo’n bijzondere stad, maar meer een uitvalsbasis voor het mooie noorden. We kopen een busticket naar Cafayate. Een plek waar iedere Argentijnse toerist naar toe gaat, dus staan we ruim een uur in de rij. De volgende dag staan we weer om 5 uur op, om de bus van 6 uur te kunnen nemen. Wat een onchristelijke tijden toch!

In deze bus wordt helaas geen champagne geschonken. Als we over een bobbel rijden komt er zand uit het plafond naar beneden. We zitten helemaal achterin naast de plee. Bijzonder comfortabel dus! Ach, het is maar een rit van 7 uur. Dat valt hier onder de korte ritten. En een beetje zand in haar en ogen hoort er gewoon bij. Ik probeer mezelf ervan te overtuigen dat dit heel leuk is…

landschap in omgeving van Cafayate

Niksen in Cafayate

’s Middags komen we aan in Cafayate. Het is warm en stoffig in het dorp. Als we gebroken uit de bus vallen doen we ons best om ons hostel te vinden. Normaal gesproken pakken we een taxi, maar die zijn in geen velden of wegen te bekennen. We proberen het lopen met een zware rugzak tot een minimum te beperken. Gelukkig is het niet ver. En wat een verademing! Een heerlijk, schoon en rustig hostel in een gezellig dorpje. We worden vriendelijk ontvangen (in het Engels!) en krijgen meteen uitleg over wat er allemaal te doen en te zien is. Morgen wil de eigenaar ons graag de omgeving en Nationaal Park los Cordones laten zien. We boeken spontaan een extra nacht. Hier willen we wel wat langer blijven! Even een paar dagen niksen. Een beetje rondhangen in de tuin, empanadas eten in het dorp, de toerist uithangen in de prachtige omgeving en liters wijn consumeren. Birgit heeft beloofd ons aan te melden bij de AA (Anonieme Alcoholisten). Na onze reis kunnen we dan meteen starten met de snelcursus “afkicken van rode wijn”, 3 avonden per week.

landschap NP los Conchos

quebrada del rio de los conchos

eric en claudia los conchas

gekke foto

 Es posible de stop aqui?

Via de Quebrada de las Flechas reizen we naar Salta. De route is waanzinnig mooi. Langzaam klimmen we zo naar het noorden van Argentinië. De transfer naar Salta wordt een excursie genoemd. Met 20 man zijn we in een busje gefrommeld en de chauffeur spreekt alleen Spaans. Soms licht hij iets toe (dan speelt hij de gids), maar daar verstaan wij natuurlijk geen hol van. In ieder dorp waar we langskomen, laat de chauffeur ons een kwartier los bij de kerk en het dorpsplein en daarna crost hij weer verder. Met een beetje fantasie zou je het een excursie kunnen noemen. Gelukkig is de Quebrada de las Flechas een waanzinnig mooi gebied om doorheen te rijden, met prachtige rotsformaties. Daarna kruisen we ook nog het Nationaal Park los Cordones. Een berggebied waar kandelaarcactussen tot 10 meter hoog staan. De tocht wordt afgesloten met de hoogvlakte langs de Tin Tin route.

quebrada de las Flechas

route door quebrada de las flechas

We slingeren door een hoge pas. De uitzichten zijn volgens Eric echt fenomenaal. Maar eerlijk gezegd kan ik het allemaal niet zo goed in me opnemen. Ik moet namelijk … ontzettend plassen! Je weet wel, zo erg dat je niet meer goed kan zien en horen. Dat je hersenen niet meer lijken te werken. Dat je alleen maar kunt denken aan het bereiken van een wc. Dat je niet durft op te staan, omdat je bang bent dat het onvermijdelijke zal gebeuren. Dat hobbels in de weg een ramp zijn. Dat je buikpijn krijgt. Dat je niet meer kunt praten. Dat je een paniekerig gevoel voelt opkomen, omdat de rit nog minimaal twee uur zal duren en je midden in het hooggebergte zit. Je kent het vast wel, maar wat doe je dan?

Piedra del Molino

Uiteindelijk sta ik op (dat lukte nog net, zonder verlies) en schuifel naar de chauffeur: “es posible de stop aqui? Por baños?”Hij stopt de bus acuut. Waarschijnlijk ziet hij aan mijn wanhopige ogen en beknepen gezicht hoe laat het is. Achter de bus…..pfffff, wat een opluchting! It feels like heaven! Wow, en nu opschieten, want er komen van beide kanten auto’s aan. Slippers en voeten snel afdrogen en op naar Salta!!

Paardrijden een bbq-en bij Salta

Salta is een behoorlijk grote stad, voorzien van alle moderne gemakken. Het is hoog tijd om een wasserette te bezoeken en wat boodschappen te doen. Ook nemen we ons reisschema weer eens onder de loep. We wilden eerst via Chili naar de zoutmeren in Bolivia gaan, maar vandaag besluiten we om verder naar het noorden te reizen en via het Quecha-dorp Humauhaca de grens met Bolivia over te steken. Het kan overigens zijn dat onze plannen morgen al weer anders zijn. Niets is namelijk zo veranderlijk als ons reisschema!

’s Avonds om 11 uur bedenken we ons dat het wel leuk is om morgen naar een gaucho te gaan om paard te rijden. En dat is zo leuk aan Argentinië; de mensen zijn nog laat in touw en heerlijk flexibel. Even een telefoontje vanuit het hostel en het is geregeld; morgenvroeg om 10 uur worden we opgehaald!

paardrijden rond Salta

onderweg rond Salta

Met een internationale groep van een man of 12 rijden we door de groene bergen op makke paarden. Eric’s paard rijdt natuurlijk voorop en de mijne stopt steeds om te eten. Hoe kan het ook anders? Ik hobbel helemaal achteraan en krijg het dier met geen mogelijkheid gemotiveerd om Eric in te halen. Ik leg me er maar bij neer en geniet van het zonnetje en de serene omgeving. Na het paardrijden schuiven we aan een lange houten tafel voor een echte Argentijnse Asado (bbq). Het vlees ziet er uit om te gruwelen: veel vet en bot. Maar eenmaal gebakken smaakt het heerlijk! Zelfs Eric zet zijn tanden er in! Het is supergezellig, mede dankzij de rode wijn natuurlijk. Onze reisgenoten komen uit Finland, Frankrijk, Bolivia en Engeland. Het mooie van reizen is dat je zoveel verschillende mensen tegenkomt met hun verhalen. Ik kan daar ontzettend van genieten. We delen onze reiservaringen en tips voor de komende dagen. Wat een heerlijke dag!

autopech op de terugweg

Gespuis aan de grens

Vandaag is het dan zover. We steken de grens met Bolivia over. Ik heb er schrik van. Op internet hebben we gelezen wat er allemaal mis kan gaan. Je moet goed op je spullen passen en opletten dat je niet wordt overvallen. Er schijnt veel gespuis in de grensdorpen rond te hangen. En het schijnt ook moeilijk te zijn om uit het grensdorp Villazon weg te komen.

Vanuit het busstation nemen we een taxi naar de grensovergang. Bij het uitstappen kijken we goed om ons heen. Lopen er enge mannen met ons mee? Zijn er mensen die het op onze bagage hebben gemunt? De grensovergang bestaat uit twee stempelposten. We zijn duidelijk niet de enige toeristen die vandaag de grens oversteken. De sfeer is ontspannen, maar ik blijf op mijn hoede en houd iedereen om mij heen nauwlettend in de gaten. Het oversteken verloopt wonderbaarlijk vlotjes. Voordat we het weten lopen we Bolivia binnen. De straten van Villazon staan het vol met marktkramen. Veel Argentijnen gaan hier goedkope spullen kopen. Wij lopen in het midden van de straat en laten ons niet verleiden door de roepende marktlui en hun kraampjes.

het dorp Humahuaca

de ruines van Pucara de Tilcara

Een paar uur later vertrekt onze bus naar Tupiza. Onze rugzakken kunnen we (bewaakt) op het station achterlaten. Het wachten duurt lang! Los van de marktkraampjes is er geen klap te beleven in Villazon, dus we hangen wat rond in het park. Om twee uur gaan we terug naar het station om de bus te pakken. Geen bus te bekennen. Geduld hebben, we zijn nu in Bolivia.  Na een half uur raak ik door mijn portie geduld heen en na drie kwartier spreek ik toch maar iemand aan:

“Are you also waiting for the bus to Tupiza?”

“Yes. We’re waiting for the bus of two o’clock. It will arrive in about 15 minutes.”

“It’s very late, isn’t it?”

“Well, it’s a quarter to two. Don’t forget it’s one hour earlier in Bolivia!”

Wat een ongelofelijke sufferds zijn we toch ook…

Ons wachten wordt beloond. Om kwart over twee komt dan eindelijk een rammelende, rode bus aangereden. Moeten wij met dat oude baggel veilig in Tupiza aankomen? Een schietgebedje en beschermengeltjes zijn dit keer geen overbodige luxe, dat moge duidelijk zijn! Onze Europese medereizigers kijken elkaar benauwd aan. We maken ons klaar voor een verschrikkelijke rit van vier uur en laten Argentinië met weemoed achter ons.

rode bus naar Bolivia

 

Geen tijd om het hele reisverhaal te lezen? Onze absolute hoogtepunten tijdens deze reis waren:

  • Het indrukwekkende gekraak en gerommel van de Perito Moreno in Nationaal Park Los Glaciares;
  • Drie dagen wandelen in Nationaal Park Torres del Paine (dit moet je vooraf reserveren!);
  • De eerste klas bus met champagne (!) van Mendoza naar Tucuman;
  • De relaxte sfeer in en omgeving van Cafayate en daarna de prachtige route naar Salta.

Wel tijd? Lees dan hoe onze reis verder ging naar Bolivia en Chili en een onverwachte wending nam.

5 thoughts on “Vier weken backpacken in het ruige Patagonië en verrassend mooie Noord-Argentinië (Reisverhaal)

  1. Wow, wat een ‘boek’ heb je geschreven. Maar wat kan jij schrijven zeg! Ik heb ervan genoten, mijn mondhoeken krulden keer op keer omhoog! Wat hebben jullie veel beleefd en wat ging er veel mis… Achteraf superleuk natuurlijk. De foto’s zijn ook schitterend! Complimenten Claudia!

    1. Nou, van dit compliment krijg ik een hele dikke glimlach op mijn gezicht. Ik ben dit blog begonnen, omdat ik graag schrijf en onze reisverhalen wil delen. Dan is het heel fijn om te horen dat dat in goede aarde valt. Dankjewel, Margreet! Over onze reis in 2009-2010 (van 100 dagen) heb ik een soort roman geschreven. Ik ben ooit van plan geweest er een boek van te maken. Dat is er nooit van gekomen. Dit blog is nu een mooie plek. Dit verhaal was het eerste deel. Er volgt nog meer!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *