Waipio valley lookout

Eilandhoppen in Hawaï: kamperen op Big Island (reisverhaal)

Het grootste eiland van Hawaï heet Big Island. Serieus! Het is vooral bekend om het Vulcanoes National Park. En dat is ook de belangrijkste reden van ons bezoek. Oahu en Maui hebben we inmiddels gezien. Kauai staat nog op de planning. De komende zes dagen gaan we kamperen op het Grote Eiland. We zullen er echter snel achterkomen, waarom zo weinig toeristen kamperen op Big Island.

Beware of falling coconuts

Geen vrees

Niks aan het handje hoor! We zijn zonder problemen naar Hilo gevlogen. De Kilauea vulkaan is nog wel actief, maar Big Island is zonder problemen te bereiken. Plan B is niet nodig geweest. We vertrouwen op onze beschermengeltjes en gaan er vanuit dat een grote vulkaanuitbarsting uit zal blijven. Hoewel we 1 engel zijn verloren, denken we niet dat we voor onze levens hoeven te vrezen.

Bij aankomst op het vliegveld worden we opgehaald met de pick-up die de komende dagen van ons is. Het is een Nissan van Amerikaans formaat. Hij kraakt en piept, zuipt benzine en de daktent ruikt lekker muf. Yes! We gaan kamperen.

Kamperen met daktent

Packing light

Het is nog even wennen. Dat is altijd op zo’n eerste dag met een nieuwe auto. Waar laten we alles? Hoe richten we de boel in? We hebben altijd te weinig ruimte voor onze enorme gele tassen. Het was de bedoeling heel weinig mee te nemen, maar de snorkel- en visspullen moesten toch worden ingepakt. Om maar niet te praten over alle elektrische apparaten die we in onze handbagage meesleuren. “Packing light” is niet voor ons weggelegd.

Lava

We rijden naar de oostelijke zuidkust in de hoop iets van de vulkaan te zien. Tevergeefs. Meer dan wat gerepareerde scheuren in het wegdek en een militair station zien we niet. De berm rookt van de hitte en het stinkt. Verderop zien we aan de zuidkust, een zwart lavaveld waar huizen op zijn gebouwd. Bizar! Wie wil nou op zo’n maanlandschap wonen? Het dorp Pahoa is niet toegankelijk voor pottenkijkers, vanwege de lavastromen. De Puna regio is afgesloten. Op de radio horen we dat het Leger des Heils hulp biedt voor getroffenen.

Scheuren in de weg

Wonen op een lavaveld

We kunnen een lava-boottocht bij zonsondergang maken, als we willen. En als we diep in onze buidel tasten. Het kost maar liefst $ 250,- pp voor. Eric pakt zijn hengel uit en we lopen naar het strandje achter de camping. We sluiten de middag af op de lavarotsen, tussen het kolkende zeewater. De zon is al achter de bewolking verdwenen. Gelukkig, want hij was verzengend heet vandaag. De zolen van mijn Teva slippers hebben zelfs losgelaten. Na bijna 15 jaar trouwe dienst! Na twee keer inwerpen gaan we terug naar de camping om te wassen en te koken. Eric is zijn haak kwijt en hij mist zijn vismaatje Kees.

Kust bij Hilo

Kust bij Hilo, Big Island

Zonsondergang op de Mauna Kea

Op Big Island zijn vijf vulkanen. De Kilauea in het Vulcanoes National Park, is het meest actief. De Mauna Kea is met 4200 meter de hoogste. Omdat het Vulcanoes NP is gesloten, gaan we vandaag de Mauna Kea “beklimmen”. Je kunt met een 4×4 naar boven rijden en de zonsondergang aanschouwen.

Rond 16:00 uur rijden we weg. Onderweg trotseren we regen en een muur van mist. Op 3000 meter hoogte zijn we verplicht een half uur te acclimatiseren bij het Visitor Information Station. Daar is het weer al beter en op camerabeelden zien we dat het helder is aan de top. Om 19:15 uur gaat de zon onder. Een half uur eerder begint het spektakel. We zijn ruim op tijd en beginnen de beklimming over de gravelweg. In low gear tijden we langzaam naar boven. Bij de eerste parkeerplaats maken we een fotostop.

Mauna Kea

De motor kookt over!

Als we stoppen komt er rook uit de motorkap. Oh, nee! Nee. Nee. Nee! Geen spanning en sensatie hadden we toch gezegd!! De wagen borrelt, sist en stoomt. Waar heb ik dat toch eerder meegemaakt? Daar staan we dan. Bovenop de vulkaan. 3600 meter hoog. Niks niet dansen. Het is balen op de vulkaan!

Motorkap open en wachten. We hebben geen idee wat er is misgegaan. Het was ook wel fijn geweest als het dashboard een seintje van oververhitting had gegeven. Maar alarmfase 1 en 2 zijn overgeslagen. Het is meteen actie in onze taxi. Een vriendelijke Amerikaan biedt ons water aan om de radiator bij te vullen. Fijn, want wij hebben niet zo veel bij ons. Wat nu?

Na ruim een half uur wachten, proberen we het nog een keer. We zijn hier niet voor niets gekomen. De zonsopkomst op de Haleakala vulkaan hebben we immers ook al gemist. Verderop staat een auto midden op de weg, met zijn gevarenlichten aan. We stoppen om te kijken of we kunnen helpen. Misschien maar goed ook, want onze motorkap stoomt weer. Drie Japanners weten niet hoe hun jeep in 4×4 moet. Eric helpt ze op weg. Vervolgens rijden ze weg en laten ons zonder blikken of blozen staan. Met een overgekookte motor.

Autopech

Afkoelen

Dit wordt waarschijnlijk de plek waar we van de zonsondergang gaan “genieten”. Langs de weg. De meeste mensen rijden ons voorbij, maar er is ook iemand die vraagt of we hulp nodig hebben. “Willen jullie meerijden naar boven?” Eric kijkt mij vragend aan. Ik twijfel. Maar nee. Doe maar niet. Eerst ons probleem oplossen, nu het nog licht is. Ik word er zenuwachtig van en moet naar de wc. Hoe houden we het hoofd en de auto koel genoeg voor de afdaling van 3800 meter?

Water. We hebben water nodig. Net als we om hulp willen gaan zwaaien, ziet Eric dat de watertank in de achterbak gevuld is. Yes! Genoeg water voor al onze overgekookte motoren. Dit is vast het werk van het beschermengeltje. We bellen Shawn voor advies. We moeten de radiator bijvullen, meer advies heeft hij niet. “En hebben jullie road assistence? Jullie zijn overigens op een plek waar je met de huurauto helemaal niet mag komen…”

Als het veilig is, vult Eric de radiator bij. En ja, we hebben road assistence in onze verzekering. Dat is toch een geruststelling. Na een uur draaien we om. De afdaling. We gaan in de eerste versnelling. Tergend langzaam. Maar toch in de hoop dat we de rest voor blijven. Ik hang af en toe uit de auto om een foto te schieten van de zonsondergang. Eric wil er liever niet voor stoppen. Het is hartstikke mooi. Maar ik had het graag van boven willen zien.

Zonsondergang op Mauna Kea

Lava!

Het wordt snel donker en de eerste auto komt er aan. We voelen ons een beetje opgejaagd door de priemende lampen in onze spiegels. Maar sneller gaat het niet. Het gaat goed. De motor lijkt de afdaling beter te handelen. Bij het bezoekerscentrum pauzeren we. We zijn weer in de bewoonde wereld. De motor houdt zich goed. Het is nu nog een uur rijden naar Arnott’s logde, waar we kamperen.

De rest van de route is bergafwaarts. Snelweg. Mist. Regen. Donker. Het gaat goed. Het weer wordt beter. “Lava!! Ik zie daar lava!” Ver weg, in het donker ziet Eric een oranje, gloeiende lavafontein spuwen. Wauw!! Dat is gaaf! We rijden op de snelweg, dus kunnen er geen foto’s van maken. Maar we pikken dit beeld toch nog even mee op deze enerverende dag, die gelukkig voorbij is…

Whittington Bay

Whittington bay? Gaan jullie daar slapen?” De beheerder van Arnott’s waarschuwt ons. “De mensen zullen je niets doen, maar laat je spullen niet onbeheerd achter.” Wat hij daarmee bedoelt ontdekken we later op de dag. Na Frankrijk-België gaan we eerst een nieuwe pick-up ophalen bij Shawn. Na het avontuur van gisteren leek het hem beter dat we met een andere verdergaan. De auto staat klaar met de sleutel in de tankdop. Op het depot is verder niemand aanwezig. We gooien onze spullen over en vervolgen onze trip. Op het dashboard brandt een lampje “service engine soon”. Dit stemt ons hoopvol.

De weg door Vulcanoes NP

De weg door het Vulcanoes NP is gewoon open, maar we mogen nergens stoppen. Door de uitbarsting hangt er een dikke bewolking over het hele eiland. Jammer, maar het regent in ieder geval geen as, of erger: glashaartjes. Naast de bewolking zien we niets van de vulkaanuitbarsting. Ook geen aardbeving. Wat dat betreft geen sensatie dus.

We gaan eerst naar Panaluu Black Sand Beach. Voor een Picknicklunch. Je kunt hier kamperen, maar echt aantrekkelijk vind ik het niet. Er staat 1 tentje en er zitten wat zwervers aan de picknicktafel. Aan de andere kant van het strandje is het mooier, maar dat blijkt privé terrein. Met enige vrees gaan we naar Whittington Bay.

Black sand beach

Living the Aloha spirit

Er is bijna niemand. Drie speervissers en een oude, magere man met een lange witte baard. Hij is behoorlijk verwelkt. De “camping” heeft een toiletgebouw, maar ik durf er niet eens te gaan kijken. Wat een verwaarloosde plek! Hebben we hier $ 26,- voor betaald? Onder de overkapping woont de man met baard. Een zwerver, of een oude hippie. Het is maar net hoe je het bekijkt. Hij heeft een auto en op de grond ligt wat rommel en een cowboyhoed. Zijn slaapzak heeft hij uitgestald naast de picknicktafel, onder de overkapping. Hij heeft vast niet betaald voor zijn overnachting. In Honolulu zie je zwervers die winkelwagens vol met vuilniszakken voortduwen. Hier bivakkeren ze in oude auto’s. Ik heb weinig behoefte aan een kennismaking. Wij gaan ons geluk elders beproeven.

Gekko op Big Island

Op Hawaï tref je veel mensen die de “Aloha spirit” naleven. Dat is een soort van “leef en laat leven”. Respecteer elkaar, hou van elkaar, geef elkaar de ruimte. Er hoort ook een handgebaar bij: pink en duim omhoog, vingers ingeklapt. Klaarblijkelijk gaat het vaak samen met weedgebruik. We ruiken het overal. Mensen komen naar Hawaï. Zijn op zoek naar geluk en vrijheid. Willen weg van regels en verplichtingen. Gelijkgestemden ontmoeten. Rijden op de golven. Samen yoga beoefenen op het strand. Maar het hippiebestaan lijkt niet altijd goed af te lopen.

Wrakken aan de weg

Leven vanuit een auto

Leven vanuit een auto lijkt zo’n beetje de laatste fase. Als je niets meer hebt. Of niets meer nodig hebt? Douchen op een camping. Parkeren op plekken waar je niet wordt weggejaagd. Ik zie de charme van een zwervend bestaan niet zo. Ik kan me niet voorstellen dat je er zelf voor kiest. Hoewel wij nu in zekere zin hetzelfde doen. Wellicht begint het in eerste instantie met het zoeken van geluk, of een vorm van anarchisme. Mijn indruk is dat veel van hen aan lager wal zijn geraakt, al dan niet door het gebruik van drugs. De grens tussen ellende en vrijheid lijkt mij schimmig.

South Point

We rijden naar South Point, omdat we daar mogen wildkamperen. Naar Green Sand Beach is het twee uur lopen, of je kunt gebruik maken van de “shuttle”. Locals hebben van de nood hun werk gemaakt. Je kunt tegen een vergoeding achter op hun pick-ups klimmen, voor een bumpy ride. We horen dat het een beetje tegenvalt, dus we slaan het groene strand over. We rijden door naar de kliffen van het zuidelijkste punt van Noord-Amerika en zetten onze tent op. Wat een prachtige plek! Maar wat een wind!

De kliffen van South Point, Big Island

Kamperen op South Point

Eric pakt zijn vishengel en ik probeer de zandstorm te overleven. Het waait hard! Ik vecht met het zand onder mijn harde lenzen en met de wind. Comfortabel is anders. Heel eerlijk: ik sta gruwelijk te vloeken. Wat een klerezooi hier! Ik zie geen hout zonder lenzen. Koken is een heel gedoe.

Visserstrofee op South Point

Op de vlucht

Het lukt Eric toch om een simpele pastamaaltijd te bereiden. Het eten is redelijk zandloos. Ons bed niet. En wat maakt de tent een kabaal! Het is niet te doen. Ik heb mijn oordoppen zo diep mogelijk in mijn oren geduwd. Het doet zeer, maar het helpt niet. De auto beweegt en het tentdoek klappert.

“Zullen we gaan?” “Nu? Hoe laat is het dan?” “Tien uur, maar we doen geen oog dicht hier.” Eric wil weg, maar ik vind het eerlijk gezegd een beetje eng om in het donker naar een andere kampeerplek te zoeken. Je ziet zo weinig en op iedere parkeerplek staan zwervers. Het lastige is dat je niet weet hoe je ze moet inschatten. Zijn het vredelievende “Aloha mensen” of onberekenbare verslaafden? In gedachten zie ik de schreeuwende vrouw van vanmorgen. Geboeid op de achterbak van een politiewagen. Dit is het beeld van Hawaï dat je niet in de vakantiebrochures ziet.

Kamperen op straat

We klappen de daktent in en laten de sterrenhemel van South Point voor wat het is. We rijden richting onze volgende camping: Ho’okena Beach. Onderweg komen we geen geschikte kampeerplekken tegen. Het is lastig zoeken midden in de nacht. Ik kan niet zeggen dat ik helemaal “Aloha” ben. De camping op Ho’okena Beach is afgesloten met een ketting. Op de kampeerplaats aan het strand staat een auto. De man bij de achterklep, wankelt. Moeten we daar dan naast gaan staan? We draaien om en vinden een plek langs de straat, in de buurt van de camping. Er staan bordjes met “no parking”. Maar we zijn moe, dus klappen de daktent toch maar uit.

Om vijf uur schrik ik me wild van de keiharde claxon. Toeeet, toooeeet, tooooooooeeet!! De chauffeur doet zijn raam open en schreeuwt “You are on my property!!” Daarna scheurt hij weg. Ik knal met mijn kop tegen het tentdoek en maak een idiote beweging met mijn lijf. Het schiet genadeloos in mijn rug. Mijn zwakke plek. Zak! De boodschap is duidelijk. We pakken in en gaan toch nog maar even naast de zwerver op de parkeerplaats staan. Op de achterbank staan een pan en een bord met eten van gisterenavond. Jummy.

Strandtentje bij Ho'okena Beach

Bijkomen

Om 9 uur kunnen we naar de camping. Ontbijten. Bijkomen. Ik voel me vies. Overal zit zand. Ik maak mijn lenzen schoon en Eric bakt een ei. Het lijkt dat we over het dieptepunt van onze vakantie heen zijn. Gisteren was NIET LEUK! De schaduwkant van Hawaï kwam iets te dicht bij. Big Island is niet zo geschikt om te kamperen. Naast zwervers deel je de meeste campings met grote, luidruchtige families. Alles is groot: hun lijven, hun BBQ’s, hun auto’s en hun monden. Ze nemen heel hun huisraad mee, van frietpan tot bladblazer. Niet dat we lastig zijn gevallen, maar ze beheersen toch de camping. Twee Europeanen met een daktent zijn echt een rariteit. Hoewel dit op Ho’okena Beach gelukkig meevalt.

Kamperen op Ho'okena Beach

Snorkelen

Vandaag gaan we snorkelen bij Two Steps. Het is erg mooi onder water. Later maken we bij Kealakekua Bay een praatje met een man die de tekst op Eric’s t-shirt wel kan waarderen. Hij blijft maar praten en vertelt dat hij sinds 2,5 maand uit zijn auto leeft. De beste maanden uit zijn leven, als we hem op zijn woord moeten geloven. Omdat wij kamperen denkt hij dat wij de Aloha spirit ook wel begrijpen.

Geen dolfijnen vandaag. Helaas. Wel een heerlijke douche op de camping, een zonsondergang op het strand en een goede nachtrust. Al heb ik wat moeite om de tent in te klimmen. Mijn rug doet zeer.

Het stand van two steps

Het koraal bij Two Steps

Schildpad bij Two Steps

Dolfijnen!

We beginnen de dag met snorkelgymnastiek. In het water heb ik het minst last van mijn rug. Volgens mij heb ik spit of zo. Ik beweeg me als een oude vrouw en heb flink pijn. Hopelijk gaat het snel weer over.

We proberen Kaelakehua Bay nog een keer. En ja hoor, de dolfijnen zijn er vandaag wel! We huren een kajak om dichtbij te komen. Dit is fantastisch! Er zitten tientallen spinner dolfijnen. Ze springen en draaien in de lucht. Ze zitten overal om ons heen. Wat komen ze dichtbij! Eric duikt in het water en maakt filmpjes. Ik wijs hem de weg. “Daar! Daar! Nee, nou zitten ze daar.” Eric zwemt tot hij niet meer kan. Het liefst was ik ook het water ingegaan, maar ik durf niet. Hoe kom ik ooit weer in de kano? Dat is best lastig voor een walvis met rugpijn!

Snorkelen

Uitzicht in de buurt van Ho'okena

Spencer Beach

Tegen de middag rijden we naar onze camping in het noorden: Spencer Beach. Mmmm. Het is een mooi standpark voor families, maar het water is vervuild en wij moeten op de parkeerplaats staan met onze daktent. We besluiten eerst nog verder te zoeken, maar keren uiteindelijk toch terug. Kapaa Beach Park zag er sympathieker uit en het snorkelen schijnt er mooi te zijn. Maar dat gaan we niet meer doen. Voor Spencer hebben we al betaald en het sanitair is netjes. De bewaker komt een praatje maken en is onder de indruk van onze daktent. Hij vindt dat we een gezellig plekje hebben ingericht (op het met olie besmeurde asfalt).

Kamperen op Spencer Beach

Ook dit is weer een aparte plek. Steeds komen er mensen langs om te douchen. Meestal mannen. Arbeiders? Met grote pick-ups komen ze naar de camping. Om kwart voor vijf in de morgen worden we wakker van de eerste doucher, die zijn zware motor uitzet naast onze tent. Het is nog donker, maar onze dag is weer begonnen!

De oostkust

De Waipio vallei staat voor vandaag op de agenda. We zijn niet de eersten bij de baai. Als we de steile afdaling naar het stand maken komen we tegenliggers tegen. Het zijn surfers die er al vroeg in de ochtend bij waren. We krijgen de bekende handgroet. Cool dudes! Eerst gaan we naar de twee enorme watervallen. Daarna naar het strandje. Onderweg komen we wilde paarden tegen en twee rivierbeddingen. Natuurlijk wil Eric er doorheen en ik liever niet. Ik blijf stress van dit soort dingen krijgen. Dus ik knijp mijn ogen dicht en hou mijn adem in. Langzaam en beheerst laat Eric de auto naar beneden rollen, door het water rijden en de schuine kant opklimmen. “Zie je nou wel, niks aan de hand! Ik zei toch dat dit gewoon kan.”

Waterval in Waipio Valley

Wilde paarden onderweg

Rivier oversteken

We zitten aan de groene kant van het eiland, met watervallen, hoge kliffen en dus ook meer regen. Hopelijk houden we het verder droog vandaag. We kamperen in het Laupahoehoe Point Beach Park. Helemaal geen verkeerde camping. De mooiste plek aan de rotskust, onder de bomen, pikken wij in. Wat een heerlijke plek om onze laatste dag op Big Island af te sluiten! Geen gewone douches, dat is dan weer jammer. Maar we gaan morgen gewoon nog een keer douchen bij Arnott’s, voordat we het vliegtuig naar Tahiti nemen. Frans-Polynesië: drie weken luxe. Laat maar komen!!

Laupahoehoe Beach Park

Vissen bij Laupahoehoe

Campings

Hilo: Arnott’s Lodge (goede voorzieningen!)

Zuidkust: Whittington Bay (geen aanrader)

South Point: wildkamperen (het kan hier hard waaien)

Zuidwest: Ho’okena Beach Park (leuk! alleen buitendouche)

Noordwest: Spencer Beach (familiecamping). Kapaa Beach Park is een sympathieker alternatief.

Oostkust: Laupahoehoe Point Beach Park (mooie plek, ook alleen buitendouche)

Onze route in beeld:

Zonsopkomst bij Laupahoehoe

11 thoughts on “Eilandhoppen in Hawaï: kamperen op Big Island (reisverhaal)

  1. Heerlijk om even te lezen zo op de vroege ochtend. Wat een avonturen weer. Opnieuw autopech, zoeken naar een slaapplek midden in de nacht, creepy people soms, zand,regen en wind.Dit is het echte reizen, het avontuur, en ja dan gaat er wel eens wat mis! Gelukkig ook veel hele mooie dingen gezien. Hopenlijk gaat het inmiddels beter met je rug, want spit is heel vervelend! Veel plezier verder, ik ben benieuwd naar jullie volgend reisverhaal

  2. jaa, we mogen weer een beetje mee op avontuur! Nu nog foto’s van wilde dieren dan is iedereen hier in huis weer heel blij. Veel groeten uit een zonnig Rotterdam:-)

  3. Wat fantastisch om zo’n prachtige reis te maken met z’n twee-en. En wat schrijf je lekker… ik hoor je het gewoon vertellen! Geniet er nog lekker van. Groetjes Diny Maas

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.